menu
Osteotomie
menu

Soms is alleen een orthodontische behandeling niet voldoende om de boven- en onderkaak weer in de goede verhouding ten opzichte van elkaar te krijgen. Dit speelt vooral bij volwassenen met een grote overbeet of bij mensen met een grotere onderkaak dan bovenkaak (‘centenbakje’).
Soms is alleen een orthodontische behandeling niet voldoende om de boven- en onderkaak weer in de goede verhouding ten opzichte van elkaar te krijgen. Dit speelt vooral bij volwassenen met een grote overbeet of bij mensen met een grotere onderkaak dan bovenkaak (‘centenbakje’).

Dan biedt onze samenwerking met de kaakchirurgen vaak een oplossing. Orthodontist Daniël van der Meulen werkt op dit gebied al sinds 1990 intensief samen met kaakchirurg dr. J.G.A.M. de Visscher van het MCL.

Osteostomie-spreekuur
Als een kaakoperatie (osteotomie) in uw geval een oplossing kan bieden, wordt u uitgenodigd op het gezamenlijke osteotomie-spreekuur op een dinsdagochtend in het MCL. Op dit spreekuur is de orthodontist aanwezig en ook de kaakchirurg dr. De Visscher. U krijgt op dit gecombineerde spreekuur informatie over de mogelijkheden, de procedures en de eventuele risico’s van een gecombineerde orthodontische-kaakchirurgische behandeling.

Zelf kunt u ook vragen wat u wilt weten. Neemt u gerust iemand mee, want twee onthouden meer dan één. Ter voorbereiding op dit spreekuur worden er bij de orthodontist afdrukken van uw gebit gemaakt en röntgenfoto’s van uw gebit. Het bezoeken van dit speciale spreekuur verplicht u uiteraard niet tot een osteotomie! Maar u kunt daarna goed geïnformeerd zelf een beslissing nemen.

Chirurgische kaakcorrectie
Een chirurgische kaakcorrectie is een methode om een afwijkende stand van de kaak door een operatie te corrigeren. Met deze methode wordt een functioneel evenwicht bereikt tussen de kauwspieren, de rij tanden en kiezen van de onder- en bovenkaak, de luchtwegen en de gelaatsuitdrukking. Om dit resultaat te krijgen worden vaak eerst de tanden en kiezen “in de rij” gezet door enige tijd een ‘slotjes’-beugel te dragen. Deze beugel wordt door de orthodontist aangebracht. Ook tijdens en na de operatie moet de beugel vaak nog enige tijd worden gedragen totdat het operatieresultaat de nodige stabiliteit bereikt heeft. Bij de behandeling zijn meestal een orthodontist en een kaakchirurg betrokken. Deze behandeling wordt dus in teamverband voorbereid en uitgevoerd. De gehele orthodontisch-chirurgische behandeling duurt ongeveer anderhalf tot twee jaar.

Aanvraag bij de zorgverzekeraar
Na afloop van het gezamenlijk spreekuur kan er door de kaakchirurg en de orthodontist een aanvraag voor vergoeding van de kosten uit de basisverzekering worden ingediend bij uw zorgverzekeraar. De adviserend tandarts van uw zorgverzekeraar beslist of u in aanmerking komt voor 100% vergoeding of niet.

Operatiemethoden
De soort operatie die uitgevoerd moet worden is afhankelijk van de stand van de kaak. In alle gevallen moet daarbij een snede in het bot worden gemaakt voordat de kaak of een deel ervan kan worden verschoven. Dit heet een osteotomie, osteo = bot en tomie = snijden. Op welke manieren dit kan gebeuren wordt hieronder beschreven.

Kaakcorrectie bij een te grote, te lange, onderkaak
Een te grote onderkaak wordt naar achteren verplaatst door een verticale botsnede te maken in de onderkaak. Hierna wordt het deel waar het kaakkopje aan vast zit een beetje naar buiten gehouden. Dan kan de onderkaak naar achteren worden geplaatst waardoor de bot-stukken elkaar gedeeltelijk overlappen. Er wordt dus geen stukje bot uitgehaald. Deze methode kan “door de mond” worden uitgevoerd waardoor uitwendig geen litteken achterblijft. Het komt vrijwel niet meer voor dat na deze ingreep de boven- en onderkaak aan elkaar bevestigd hoeven te worden met staaldraadjes. In verreweg de meeste gevallen worden alleen elastiekjes aan de ‘slotjes’-beugel gebruikt om na de operatie de kaken in de juiste positie ten opzichte van elkaar te houden. Het bot zelf wordt tijdens de operatie met kleine titanium schroefjes en plaatjes aan elkaar geschroefd. De mond kan dus meestal meteen na de operatie weer worden geopend.

Kaakcorrectie bij een te kleine onderkaak
Om een te kleine onderkaak te verlengen wordt de onderkaak links en rechts zo gespleten dat deze als het ware kan uitschuiven. Nadat de onderkaak naar voren is geschoven, bestaat er nog steeds contact tussen de bot-delen zodat ze weer aan elkaar kunnen groeien. Er hoeft geen stukje bot tussen worden gezet. Het geneest als een botbreuk: het bot groeit gewoon weer aan tot de normale dikte. De zenuw, die het gevoel in de onderlip en de kin verzorgt, loopt langs de botsnede en wordt dus wat gemanipuleerd wat na de operatie een tijdje een vreemd gevoel in de onderlip tot gevolg kan hebben. Dit vreemde gevoel is niet “zichtbaar”, het betreft alleen een gevoelszenuw en geen bewegingszenuw. In de meeste gevallen is dit gevoel na enkele weken hersteld. Bij sommige personen kan dit herstel van het gevoel enkele maanden duren. Een enkele maal blijft er een “ander” gevoel bestaan zonder dat dit de functie van de lip benadeeld. Tijdens de operatie wordt de onderkaak in de gewenste stand tegen de onderkaak geplaatst. Daarna kunnen de beide kaakdelen van de onderkaak met schroefjes met elkaar worden verbonden. De mond kan dan na de operatie gewoon weer worden geopend. Hoogst zelden worden de onder- en bovenkaak nog aan elkaar bevestigd door middel van staaldraadjes. Deze worden na vier tot zes weken weer verwijderd. In deze periode kan alleen vloeibaar voedsel worden gebruikt. In sommige gevallen bemoeilijkt een nog niet doorgebroken verstandskies het maken van een botsnede. In dat geval wordt de verstandskies geruime tijd van tevoren (langer dan zes maanden) verwijderd.

Verplaatsing van de hele bovenkaak
Hierbij wordt een horizontale botsnede aangebracht door de neus-bijholten in de bovenkaak en door het neustussenschot? Tijdens deze operatie wordt de bovenkaak in de gewenste richting verplaatst. Soms ontstaat er door de manier van verplaatsen van de bovenkaak tijdens de operatie een tekort

aan bot. In dat geval wordt er een stukje bot uit de onderkaak genomen of uit de bekkenkam. Een enkele maal wordt de bovenkaak met staaldraadjes in de goede positie vastgezet en aan de onderkaak bevestigd. Na vier tot zes weken worden deze draadjes weer verwijderd. Gedurende deze weken zal dan vloeibaar voedsel moeten worden gebruikt. Meestal kan de bovenkaak met staaldraadjes of schroefjes voldoende stevig worden bevestigd, waardoor de mond na de operatie gewoon weer kan worden geopend. De aangebrachte schroefjes en metaaldraadjes behoeven in de regel later niet te worden verwijderd.

Verplaatsing van gedeelten van de kaak
Soms is alleen het verplaatsen van een deel van de kin voldoende.

De Nederlandse Vereniging voor Mondziekten, Kaak- en Aangezichtschirurgie geeft op de website de volgende informatie over de chirurgische kaakcorrectie. Hier vindt u ook tekeningen van de operatietechnieken.

De operatie
Voor de operatie, die onder narcose plaatsvindt, wordt een datum afgesproken. Op de dag van de opname of in de week ervoor wordt lichamelijk onderzoek gedaan, evenals bloed- en urineonderzoek. Soms wordt ook een halve liter bloed afgenomen, die als het nodig is, tijdens de operatie kan worden teruggegeven. De kaakchirurg legt het verloop van de operatie nog eens uit en de anesthesist (narcotiseur) bespreekt de gang van zaken rond de narcose. Om een vergelijking mogelijk te maken, worden er dia’s gemaakt van het gezicht en het gebit. Verder wordt ongeveer één uur voor de operatie de premedicatie toegediend. Dit zijn medicijnen die het lichaam alvast voorbereiden op de narcose. Hierdoor ontstaat een rustig gevoel, en vaak ook een droge mond.

Na de operatie
De meeste mensen hebben na de operatie nauwelijks last van pijn. Vaak heeft men wel het gevoel van ongemak wanneer de kiezen op elkaar vastzitten. Een beetje keelpijn komt vaak voor. Na de operatie is het gezicht (soms erg) gezwollen ondanks dat via een infuus gedurende één of twee dagen medicijnen worden toegediend die het zwellen van het gezicht tegengaan. De zwelling wordt vaak na drie dagen snel minder. Het is belangrijk dat bezoekers van tevoren op de hoogte worden gebracht van deze zwelling, zodat zij hiervan niet vreemd opkijken. De eerste dagen alleen bezoek van de aller naasten is het verstandigst. Soms komt er na de operatie een beetje bloed uit de mond. Ook uit de neus kan de eerste dagen wat bloed komen. De neus kan dan beter niet hard gesnoten worden, maar kan het beste worden “opgehaald”. De duur van de opname in het ziekenhuis varieert meestal van twee tot drie dagen. Tijdens deze dagen worden er controlefoto’s gemaakt. Zo nodig zal met de mondhygiënist over de verzorging van de mond worden gesproken.

Weer thuis
Na ontslag uit het ziekenhuis vinden er nog een paar poliklinische controles plaats om te kijken hoe de genezing verloopt. De kaakgewrichten zullen in het begin wat stijf zijn. Het praten moet even wennen.

Weer naar de orthodontist
Twee of drie weken na de operatie ziet de orthodontist u graag weer terug. De orthodontische nabehandeling duurt dan nog gemiddeld 6 maanden.

Meer informatie
Bij vragen over de kaakoperatie kunt u contact opnemen met de polikliniek Mondziekten en Kaak- en Aangezichtschirurgie van het MCL.

Kaakchirurg
Nederlandse Vereniging voor Mondziekten, Kaak- en Aangezichtschirurgie, www.kaakchirurg.nl